Aanhetwoord.com

Journalisten over hun werkwijze en ambities

May 2nd, 2007

Mister Ode kent geen grenzen

Jurriaan Kamp ()
Hoofdredacteur/oprichter Ode sinds 1994
Jurriaan Kamp zet zich met zijn tijdschrift Ode in voor het optimistische verhaal. Wat tijdens een zomervakantie begon als een mooi idee is uitgegroeid tot een tweetalig opinietijdschrift met een redactie in Nederland en Amerika.

ode_jurriaankamp1.jpgOde heeft een missie. Boven ieder colofon is te lezen hoe het opinietijdschrift gelooft in en publiceert over vooruitgang en mensen die het verschil maken. Tot dusver het hokje waarin Ode zich verder niet wenst te plaatsen. ‘Ode is breed. Als je al een samenvatting kunt geven, draait het in ons blad om mogelijkheden en een positieve benadering’, aldus oprichter Jurriaan Kamp, zittend aan de grote ovale tafel in zijn werkkamer in Mill Valley, een dorpje op tien minuten rijden van de Golden Gate Bridge.

Tot 1994 werkte Kamp als chef economie bij NRC Handelsblad. ‘Een mooie krant, vond en vind ik nog steeds.’ En een mooie tijd. ‘Ik ging geen dag met tegenzin naar mijn werk. Maar ik had moeite met de manier waarop de dagelijkse journalistiek vooral bericht over dingen die verkeerd gaan.’ Bij het lezen van de krant besteedt Kamp om die reden het minst aandacht aan de voorpagina. ‘Daar staan relatief de meeste negatieve berichten. En aangezien we nu in de meeste veilige tijd ooit leven, vind ik die scheve verhoudingen verwonderlijk. Als je de krant gelooft, leven we in een doodenge wereld.’

Gevoed door deze verbazing kwam Kamp samen met zijn vrouw Hélène de Puy in 1994 op het idee van Ode. Tijdens een zomeravond in Frankrijk besloten ze afstand te nemen van het cynisme om hen heen. Ode zou een tijdschrift worden dat bericht over vooruitgang en mogelijkheden. ‘Misschien blinde naïviteit’, mompelt Kamp. Maar wel een idee dat beklijfde. ‘De volgende ochtend vonden we het nog steeds een goed idee en zijn we aan het werk gegaan.’

In februari 1995 kon Kamp zijn eerste Ode vasthouden. Een stevig tijdschrift met als thema ‘Arbeid en Geluk’. Dat de Ode in het Nederlands verscheen is een klein wonder. ‘De formule van Ode is internationaal. Ik wilde het eigenlijk meteen in het Engels uitbrengen om zodoende een groter publiek te bereiken.’

Een persoonlijk marktonderzoekje veranderde dat plan. ‘Om de vraag naar Engelstalige media te onderzoeken ben ik langs drie boekenwinkels gegaan om te kijken of de Nederlandse of originele Engelse druk van het willekeurig gekozen boek (Megatrends 2000) meer verkocht.’ Kamp verwachtte, aangezien de doelgroep van het boek hoog opgeleiden waren, dat de originele Engelse druk meer in trek zou zijn. ‘Maar de Nederlandse uitgave verkocht meer. We besloten Ode dus eerst maar in het Nederlands uit te brengen.’

De wens van Kamp om Ode Engelstalig aan een veel groter publiek te presenteren, was daarmee niet van de baan. ‘De verhalen in Ode zijn niet plaatsgebonden. Wanneer een school in Sydney met een goed idee komt, kunnen ze daar ook in Alkmaar iets van leren.’ Een ander pluspunt van een Engelstalige markt is het vinden van onderwerpen. ‘De kans dat je goede initiatieven tegenkomt is gewoon groter als je een groter gebied aanboort.’

Met die gedachte besloot Kamp in 2003 een Ode-kamp in Amerika op te slaan. In Mill Valley aan de rand van San Francisco werkt de 10-koppige redactie sinds januari van dat jaar aan Ode. Als de redactie in Rotterdam de computers uitgaan, begint de dag in de heuvels van Californië. ‘Het is soms zwaar, het gaat maar door. Maar dat heeft ook iets moois. Ode is nooit dicht.’ De Nederlandse en Engelse Ode zijn inhoudelijk vrijwel gelijk. Verhalen worden over en weer door vertaald en geredigeerd. ‘Dankzij mobiele telefonie, conference calls en e-mail lukt het om alles, ondanks het tijdverschil, aan elkaar te plakken.’

Californië was een bewuste keuze van Kamp. ‘Dit is de plek waar de meeste vernieuwing in de wereld plaatsheeft. Of je nu kijkt naar onderwijs, gezondheidszorg of techniek. Hier werken mensen keihard aan vooruitgang. In Californië worden de mensen opgeleid voor de wereld waarover Ode schrijft.’

Een perfect klimaat voor Ode en dat merkt Kamp meteen wanneer hij in Californië over straat loopt. ‘De mentaliteit is hier vele male positiever dan in Nederland. Ik hoef in San Francisco niet uit te leggen waarom Ode er moet zijn.’ Natuurlijk heeft hij ook voldoende aan te merken op zijn nieuwe thuisland. ‘Amerikanen zijn misschien oppervlakkig. Maar ik hoor liever oppervlakkig dat het leuk is wat we maken dan een diepgegronde twijfel.’

Dertien jaar na het mooie idee van Kamp en zijn vrouw, ligt Ode o.a. in de Nederlandse boekenketen Ako en het Amerikaanse Barnes & Noble. Wie met KLM vliegt, vindt Ode in het leesvak bij zijn voeten. Maar Kamp wil meer. ‘We hebben nu een oplage van 130.000. In de komende drie jaar moet dat verdrievoudigd zijn.’ Geen onhaalbaar plan, denkt Kamp. ‘In Amerika wonen tien miljoen potentiële Ode-lezers. De stap naar 300.000 is reëel.’ Ode komt nu nog in twee talen uit, maar ook daar hoeft het volgens Kamp niet bij te blijven. ‘Daar komen mogelijk nog andere talen bij.’

Waar de vaandeldrager van een optimistische opinietijdschrift zelf zijn positieve karakter aan te danken heeft, vindt Kamp moeilijk te verklaren. ‘Ik kan alleen de vraag terugstellen. Waarom zijn anderen het niet? Heb je ooit een pessimistisch kind gezien? Iedereen wordt optimistisch geboren. Gaandeweg raken we teleurgesteld en geven mensen het op.’

Kamp hoort niet bij die groep. Ook niet toen het in de eerste jaren met hangen en wurgen lukte om de rekeningen te betalen en hij elke zes weken op een neer vloog tussen Amerika en Nederland om zijn blad aan te sturen. ‘Uiteindelijk wil ik een bijdrage leveren. Alleen dat geeft echte voldoening.’ Wanneer Kamp hoort over een project tegen malaria dat dankzij aandacht in Ode meer geld ontvangt, weet hij weer precies waarvoor hij het doet.

Ode Nederland is inmiddels winstgevend, maar de Engelse uitgave moet zich nog bewijzen. Tijd om achterover te leunen is er voor Kamp nog niet. ‘Thuis, boven mijn bureau hangt een foto van Marianne Timmer, genomen op het moment waarop ze ziet dat ze opnieuw Olympisch kampioen is geworden. Alle druk valt van haar af. Die foto inspireert me om door te zetten. Als ik hier de redactie oploop terwijl de zon naar binnenschijnt, voelt het alsof ik al een stukje van de race heb gewonnen.’

Oplage Nederlandse Ode: 30.000
Oplage Engelse Ode: 100.000
Kosten Nederlandse Ode: € 7,75
Kosten Engelse Ode: $ 4,95
Website: www.ode.nl / www.odemagazine.com

Dit artikel is eerder verschenen in De Journalist.

Print This Post Print This Post


Reactie op to “Mister Ode kent geen grenzen”

  • hmm. bookmarked ))

    trerrygap / May 7th, 2009 at 5:05 pm


Laat een reactie achter

Journalisten aan het woord:

Kort